Diarree (update 5-7-2016)

PRINCIPE

De microbiologische diagnostiek van gastro-enteritis berust op het aantonen van de ziekteverwekker in de faeces. De onderzoekmethode in het laboratorium hangt af van de aard van de ziekteverwekker

  • bacteriën: PCR, kweek, aantonen toxine
  • virussen: aantonen antigeen, PCR
  • parasieten: PCR, microscopisch onderzoek

Microbiologisch onderzoek van faeces omvat dus meer dan een “faeceskweek”.

INDICATIES

Microbiologisch onderzoek van faeces is geïndiceerd bij

  • diarree langer dan 5 dagen
  • diarree met koorts
  • diarree met macroscopisch bloed en/of slijm
  • diarree bij kinderen < 2 jaar
  • langer aanhoudende brijige diarree, met name bij kinderen
  • diarree na verblijf in het buitenland
  • (kleine) explosies van diarree
  • proctitis bij homoseksuele mannen
  • diarree bij HIV-seropositieven of patiënten met AIDS
  • colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn: wanneer men met corticosteroïden wil behandelen

WELKE ONDERZOEKEN KUNNEN HET BEST WORDEN AANGEVRAAGD?

Het is niet zinvol bij een patiënt met diarree “alles” aan te vragen. De keuze van de te verrichten onderzoeken dient bepaald te worden door de klinische en/of epidemiologische gegevens en door de voedingsanamnese.
Tabel: Aanvraag gericht op klinische gegevens*

KLINISCHE GEGEVENS

FAECES-ONDERZOEK AANVRAGEN OP

“Standaard”: geen bijzondere aanknopingspunten

Salmonella/ Shigella/STEC
Campylobacter

 

 

Diarree bij kinderen < 2 jaar

Salmonella / Shigella/STEC
Campylobacter

Rota/adenovirussen

 

 

Diarree met bloedbijmenging

Salmonella / Shigella/STEC
Campylobacter

amoeben (Entamoeba histolytica)

 

 

Langer aanhoudende brijige diarree

Salmonella / Shigella
(indien niet reeds eerder verricht)
Yersinia enterocolitica

cysten en wormeieren

 

 

Diarree na verblijf in het buitenland

Salmonella / Shigella/STEC
Campylobacter
Entamoeba histolytica

cysten en wormeieren

 

 

Heftige waterdunne diarree

Salmonella / Shigella/STEC
Campylobacter
Vibrio cholerae / parahaemolyticus
Cryptosporidium

 

 

Diarree tijdens antibioticumgebruik meestal tijdens
(langdurige) ziekenhuisopname

Clostridium difficile

 

 

Explosies van diarree
(eventueel overleg met arts-microbioloog)

Salmonella / Shigella/STEC
Campylobacter, Noro virus

 

 

Colitis ulcerosa en de ziekte van Crohn (indien
corticosteroïd-therapie wordt overwogen)

Campylobacter/STEC

 

 

Proctitis bij homoseksuele mannen

Campylobacter
Salmonella / Shigella/STEC
Entamoeba histolytica
Giardia lamblia

 

 

Diarree bij HIV-seropositieven of patiënten met AIDS

Salmonella / Shigella/STEC
Giardia lamblia
Cryptosporidium
Microsporidium

* Deze tabel dekt niet alle situaties, overleg bij twijfel met een arts-microbioloog.

Besmet voedsel ziet, ruikt en proeft niet anders dan onverdacht voedsel!

INVULLEN AANVRAAGFORMULIER

Naast de administratieve gegevens van de patiënt is het volgende van belang:

  • duidelijk vermelden welk(e) onderzoek(en) word(t)en gewenst.; bij vermelding van “banale kweek” wordt uitsluitend het standaard onderzoek verricht op Salmonella, Shigella, Campylobacter en STEC.
  • klinische gegevens
  • epidemiologische gegevens (m.n. in geval van explosies, recent verblijf in het buitenland)
  • datum van afnemen

VERZENDEN MATERIAAL

Voor faeces-onderzoek worden door het laboratorium verzendkokers verstrekt, waarin een korte buis met lepeltje. Een voor de helft gevulde buis is ruim voldoende. Geen jampotten, medicijnflesjes e.a. als verzendmateriaal gebruiken.
Faeces-monsters voor kweek dienen binnen 24 uur op het laboratorium te arriveren. Dit is met name belangrijk voor onderzoek op Campylobacter en Shigella.

Voor onderzoek op parasieten  kan de PARA-PCR aangevraagd worden. Onderzoek op wormeieren dient apart te worden aangevraagd of wordt bij bepaalde klinische gegevens automatisch toegevoegd.

MELDINGSPLICHT

Melding bij de GGD dient te geschieden door zowel de behandelend arts als het laboratorium voor de volgende pathogenen:

  • Salmonella typhi
  • Salmonella paratyphi AS
  • Salmonella paratyphi B
  • Salmonella paratyphi C
  • Vibrio cholera
  • alle Shigella-soorten
  • STEC

Verder wanneer er sprake is van 2 of meer patiënten met dezelfde ziekteverschijnselen of verwekkers en een onderlinge epidemiologische of microbiologische relatie wijzend op voedsel als bron.

Verdachte etenswaren en eventuele kliekjes niet opruimen alvorens met de GGD en/of de Keuringsdienst van Waren te hebben overlegd. Deze officiële instanties zullen in sommige gevallen trachten brononderzoek te verrichten.