Kinkhoest (laatste update 19 jan 2017)

De keuze voor PCR of serologie is afhankelijk van de ziekteduur. Bij een ziekteduur van < 3 weken is Bordetella pertussis vaak nog aanwezig in de nasopharynx en heeft PCR de voorkeur. Bij kinderen <1 jaar kan de bacterie langer aanwezig blijven, bij hen is PCR zinvol ongeacht de ziekteduur.
Wanneer een recente infectie met Bordettela pertussis wordt vastgesteld dient dit zowel door het laboratorium als de aanvragend arts gemeld te worden bij de GGD.

 

PCR

Om Bordetella pertussis en/of Bordetella parapertussis aan te tonen wordt gebruik gemaakt van een real-time PCR van een keelwat die verzonden is in eswab-medium. Voor het aantonen van Bordetella pertussis en Bordetella parapertussis wordt respectievelijk gebruik gemaakt van de primers voor de IS481 en IS1001 genen, dit zijn Insertion Sequence elementen. Er zitten ongeveer 80 kopieën van IS481 in het chromosoom van B. pertussis en deze is niet gevonden in B. parapertussis. IS1001 is daarentegen aanwezig in het chromosoom van B. parapertussis met ongeveer 20 kopieën en is niet gedetecteerd in B. pertussis. Wel zijn beide elementen sporadisch gevonden in B. bronchiseptica en B. holmesii. Hierdoor is de test niet 100% specifiek. Echter, B. holmesii is nog niet gesignaleerd in Nederland en een respiratoire infectie met B. bronchiseptica is zeer zeldzaam en komt alleen bij immuungecompromitteerde patiënten voor.

 

Afkapwaarden voor de interpretatie van de kinkhoest serologie volgens de nieuwe methode met Internationale eenheden per ml:
< 62 IU/mL; waarde valt binnen normale spreiding; infectie niet uit te sluiten; leeftijd? 1e ziektedag? evt. 2e bloedmonster afnemen
62-124 IU/mL; (zeer) verdacht voor actuele of zeer recente infectie; 2e bloedmonster afnemen
>=125 IU/mL; bewijzend voor actuele of zeer recente infectie

Klik op bovenstaand schema voor goed leesbaar venster

Tijdsduur tussen de eerste ziektedag en tijd tot immuunrespons (antistofvorming).
Wanneer om een 2e serummonster wordt gevraagd moet er minimaal 2 weken zitten tussen het 1e en het 2e serum, bovendien dient de afname plaats te vinden NA de tijd die nodig is tot er een immuunrespons optreedt.

Tabel 1:

Leeftijd

Tijd tot immuunrespons

Tijdsinterval tussen eerste ziektedag en 2e serum

< 1 jaar

8 weken

8 weken

1 t/m 4 jaar

6 weken

6 weken

> 4 jaar

4 weken

4 weken